
Handtekeningen van Gerben Sijtses de Vries, zijn dochter en schoonzoon ca. 1801
Aan het begin van de achttiende eeuw trokken de broers Gerben en Frerick vanuit het Friese Blija naar de stad Groningen. Zij kregen de toenaam ‘De Vries‘, die later familienaam werd. Over Gerben, wiens naam al snel werd ‘vergroningsd’ tot Gerbrand, is onder meer bekend dat hij als zestienjarige jongen werkte op een tichelarij in Groningen, langs het huidige Noord-Willemskanaal (ter hoogte van het Emmaviaduct). Hij werd er later tichelbaas en mede-eigenaar.
Tot deze familie behoort de stad-Groninger beeldhouwer Wladimir de Vries (1917-2001).
Generatie I
Generatie I
I Sijtse Gerbens; geb. 1687/1692, ovl. Blija 23-01-1728.
Sijtse tr. Blija 26-10-1721 met Frouck Freericks; ged. Blija 15-01-1693, dochter van Freerick Sigers en Froúck Jans. Frouck tr. 1 Blija 01-12-1715 met Jan Hendericks, geb. 1690/1695, ovl. 1718/1720. Frouck tr. 3 Hiaure 08-03-1730 met Ruird Hopkes, ged. Blija en Hogebeintum 12-11-1693, zoon van Hopke Pieters.
Frouck werd in 1711 lidmaat te Blija. Sijtse werd in 1723 lidmaat te Blija. In 1728 is hij ‘verstorven aan de teering’. De doopboeken van Blija in de periode dat Sijtse geboren moet zijn zijn verbrand; een duidelijk antwoord omtrent de identiteit van zijn ouders kan daarom niet gegeven worden. Waarschijnlijk waren zijn ouders Gerben Nannes en Hijlck Sijtses.
Uit dit huwelijk:
- Gerben Sijtses [de Vries]; ged. Blija 24-01-1723, volgt onder II-a.
- Frerik Sijtses [de Vries]; geb. Blija 20-01-1726, volgt onder II-b.
Generatie II
II-a Gerben Sijtses de Vries; ged. Blija 24-01-1723, ovl. Groningen 30-08-1808, zoon van Sijtse Gerbens (I).
Gerben tr. Groningen 17-12-1748 met Willemke Gerrits; ged. Blija en Hogebeintum 14-03-1725, ovl. Groningen 08-1789/1796, dochter van Gerrit Ypes en Klaaske Wijtses. Willemke kwam waarschijnlijk in of voor 1742 met haar moeder naar Groningen. Haar moeder hertrouwde daar in nov. 1742 met Jan Alberts; hij was getuige bij Willemke’s huwelijk.
Gerben (in Groningen Gerbrand genoemd) werkte in de stad Groningen van 1739-1802 bij de steen- en pannenbakkerij aan het Hoornsediep. Eerst als afdragersjongen, later als tichelbaas. Van 1786-1802 was hij compagnon in de tichelarij. Na de beëindiging van het compagnieschap kwam Gerbrand te wonen op de lijmziederij naast de tichelarij. In 1776 werd hij, in het huwelijkscontract van zijn dochter Frouke, voor het eerst als De Vries vermeld.
Uit dit huwelijk:
- Frouke de Vries; ged. Groningen 16-11-1749, ovl. ald. 19-09-1809. Frouke tr. Groningen 22-05-1776 met Jannes Numan ged. Groningen 08-07-1750, ovl. ald. 11-09-1809, zoon van Harmannus Numan en Johanna Maria Rouaan. Jannes was koopman, hij woonde met zijn gezin in de Herestraat. Van 1786-1801 waren hij en zijn vrouw compagnons in de steen- en pannenbakkerij aan het Hoornsediep te Groningen. In zijn overlijdensbericht staat dat Frouke ‘de affaire’ zal voortzetten, over welke zaak het hier gaat is nog niet bekend, ze overleed echter kort daarop.
“Heden Morgen tusschen 3 en 4 uur, trof mij en mijne drie Kinderen de gevoeligste slag, door het afsterven van mijn geliefde man JANNES NUMAN, in den ouderdom van ruim 60 jaren, met welke ik 33 jaren in een gezegende Echt heb mogen leven. Geve thans door dezen gebruikelijken weg kennis, aan Vrienden en Bekenden, verzoeke van brieven van rouwbeklag verschoond te blijven. FROUWKE DE VRIES. Groningen den 11 September 1809. N.S. De Affaire wordt door de Wedw. gecontinueerd.” (Groninger Courant no 74, 15-09-1809).
“Naauwelijks eenigszins van de droefheid, wegens het spoedig afsterven van onzen geliefden Vader JANNES NUMAN, op den 11 dezer, hersteld, zien wij ons aandermaal in de diepste treurigheid gedompeld, daar het den Regeerder van het Heelal, in wiens hand onze adem is, behaagde, heden morgen, tusschen 8 en 9 uren, ook onze veel geliefde Moeder, FROUKE DE VRIES, in den ouderdom van 60 jaren, na eene kortstondige ziekte, vergezeld van zware Koortsen, uit onze ouderlievende aarmen weg te rukken en, zoo wij vertrouwen, in zijne Heerlijkheid over te nemen. Elk gevoelig hart zal zonder twijfel deel in onze treffende verliezen nemen, zonder ons zulks door condoleantie brieven te verzekeren en alzo onze harten telkens opnieuw te wonden. Groningen den 19 van Herfstmaand 1809. JOHANNA MARIA NUMAN, mede uit naam van mijn Zuster en Broeder.” (Groninger Courant no 77, 26-09-1809).
- Willemke de Vries; ged. Groningen 10-06-1753, ovl. Groningen 15-12-1834. Willemke werd in 1775 lidmaat te Groningen. Ze woonde in elk geval in 1801 op het tichelwerk, waarschijnlijk is zij voor die tijd door haar man in de steek gelaten. Willemke naaide (herstellen/maken?) kleren voor de mensen op het tichelwerk.
Willemke tr. Groningen 07-01-1783 met Claas Dirks de Vries; ged. Leeuwarden, Jacobijnerkerk 26-05-1754, ovl. 1815/1834, zoon van Durk Durks en Grietje Claasen, molenmaker. - Sijtze Gerbrands de Vries; ged. Groningen 17-04-1757, volgt onder III-a.
- Klaaske de Vries; ged. Groningen 06-07-1760, ovl. ald. 05-10-1826. Werd in 1784 lidmaat te Groningen. Dienstmeid.
II-b Frerik Sijtses de Vries; geb. Blija 20-01-1726, ovl. Obergum 07-11-1809, zoon van Sijtse Gerbens (I).
Frerik tr. Groningen 25-08-1752 met Aaltje Freerks Pieks; afk. van Lellens, geb. 1725/1730, ovl. Obergum voor 1787, dochter van Freerk Pieters Pieks.
In Groningen werd Frerik tichelaar, later werd hij pottenbakker. Hij voerde net als zijn broer de naam ‘de Vries’. Frerik verhuisde met zijn gezin rond 1755 naar Zuidlaren, waar zij woonden aan de Plankensloot. Van Zuidlaren verhuisde het gezin naar Obergum (Winsum). Frerik werkte misschien op een van de steenbakkerijen in Obergum. Frerik was in 1785 getuige bij het opstellen van het huwelijkscontract van zijn neef Sijtse Gerbrands de Vries. In 1808 werd hij lidmaat te Groningen, een jaar later overleed hij bij zijn dochter Frouke in Obergum.
Uit dit huwelijk:
- Frouke de Vries; ged. Groningen 13-06-1753, ovl. Obergum 06-06-1814. Frouke tr. Obergum 18-11-1804 met Jacob Berends Doornbos; ged. Krewerd 11-10-1744, ovl. Obergum 06-01-1827, zoon van Berent Peters en Geertjen Alberts. Koopman.
- Anna de Vries; ged. Groningen 15-09-1754, ovl. Obergum na 1787.
- Sijtske de Vries; ged. Zuidlaren 17-10-1756, ovl. Groningen 15-12-1810. Sijtske werd in mei 1778 lidmaat te Groningen. Sijtske en Jan woonden in de Oosterstraat en later in de Poelestraat. Bij Sijtskes overlijden waren er nog 8 kinderen in leven. Jan ging na haar dood in het Heilige Geest Gasthuis wonen tot aan zijn eigen overlijden.
Sijtske tr. Groningen 17-10-1778 met Jannes (Jan) Goedhuis; geb. Groningen Botermarkt, ged. Groningen, A-Kerk 29-09-1751, ovl. Groningen 16-10-1828 (Heilige Geestgasthuis), zoon van Pieter Jacobs Goedhuis en Jantje Berents. Zie de Genealogie Goedhuis. - Alberdina de Vries; ged. Zuidlaren 17-12-1758, ovl. Groningen 29-12-1845, vleeschhouwersche. Alberdina tr. Groningen 25-05-1781 met Danië; Goedhuis; ged. Groningen 04-12-1753, ovl. Groningen 11-10-1824, zoon van Pieter Jacobs Goedhuis en Jantje Berents, vleeshouwer. Zie de Genealogie Goedhuis.
- Frerik (Freerk) de Vries; ged. Zuidlaren 22-02-1761 (als Frerik), volgt onder III-b.
Generatie III
III-a Sijtze Gerbrands de Vries; ged. Groningen 17-04-1757, ovl. Groningen 27-04-1827, zoon van Gerben Sijtses de Vries (II-a).
Sijtze tr.1 Groningen 27-05-1785 met Aaltje Harms Lefers; geb. Groningen buiten de Herepoort, ged. Groningen, Martinikerk 15-01-1764, ovl. Bedum 28-10-1807, dochter van Harmen Harms Lefers en Jacobje (Tjaakje) Jans.
Sijtze tr.2 Groningen 25-04-1813 met Trijnje Hindriks; ged. Wierum 04-07-1762, ovl. Groningen 17-11-1829, dochter van Hendrik Geerts en Martje Louwes. Trijnje tr. eerder met David Arents, afk. van Leegkerk, ovl. Groningen 05-01-1812, zoon van Arent Hindriks en Neeltien Geerts, voerman.
Sytze woonde op het tichelwerk bij zijn ouders, hij was voerman. In mei 1802 kocht hij samen met zijn vrouw van Thies Geerts Hoiting en diens vrouw Trijntje Geerts een huis met paard, wagen, slede, bodde en verdere toebehoren in de Sledemennerstraat (sledemenner = voerman). Hun buurman Wessel Jans had zijn huis gekocht van David Arends en Trijntje Hindriks (zij werd later Sytzes vrouw). Het huis werd verkocht in 1805, waarna het gezin verhuisde naar Bedum. Na Aaltjes overlijden ging Sytze weer terug naar Groningen. Bij zijn tweede huwelijk was Sytze koemelker.
Uit het eerste huwelijk:
- Gerbrand de Vries; ged. Groningen 21-04-1786, volgt onder IV-a.
- Roeberdina de Vries; ged. Groningen 01-06-1787, ovl. 1787/1788.
- Roeberdina de Vries; ged. Groningen 24-09-1788, ovl. 1788/1790.
- Roeberdina de Vries; ged. Groningen 08-10-1790, ovl. Antwerpen [België] 22-06-1865, dienstbode. Roeberdina tr. Groningen 25-06-1826 met Klaas Lauwes; ged. Groningen 08-04-1786, ovl. Groningen 24-10-1854, zoon van Lauwe Remmers Lauwes en Trijntje Klasens, schipper. Klaas tr. eerder Groningen 22-06-1813 met Geesje Bresters, geb. Groningen 06-02-1788, ovl. Rotterdam 17-10-1825.
- Willem de Vries; ged. Groningen 09-01-1793, volgt onder IV-b.
- Harm de Vries; ged. Groningen 08-04-1796.
- Frouwke de Vries; ged. Groningen 26-04-1799, ovl. v1802.
- Frouke de Vries; ged. Groningen 29-08-1802, ovl. ald. 19-12-1874, dienstbode. Frouke tr. Groningen 29-05-1834 met Arnoldus Cornelis Cramwinckel; ged. Nijmegen 13-05-1803, ovl. Groningen 29-12-1861, zoon van Johannes Cramwinckel en Cornelia Reynen, schrijnwerker. Arnoldus tr. eerder Groningen 10-07-1828 met Johanna van der Veen, geb. Groningen ca. 1805, ovl. ald. 20-06-1829, dochter van Jan van der Veen en Aaltje Roosing.
- Tjaakje de Vries; geb. Bedum 30-07-1806, ovl. 18-12-1889, begr. Groningen, Noorderbegraafplaats. In 1830 dienstbode bij de fam. Dantuma te Groningen. Later winkelierster en baker.
Tjaakje tr.1 Groningen 04-12-1834 met Jacobus Stevens Wolvenga; geb. Leek 02-07-1804, ged. ald. 15-07-1804, ovl. Groningen 17-10-1842, zoon van Steven Jans Wolvenga en Elisabeth Jacobus, voerman.
Tjaakje tr.2 Groningen 08-02-1844 met Johannes Herius; geb. Leeuwarden 01-01-1816, ovl. Helpman 05-04-1883, zoon van Johannes Henderikus Herius en Wilhelmina Schuurhof. Koperslager, smid, kachelmaker. Zie de Genealogie Heerius
III-b Frerik (Freerk) de Vries; ged. Zuidlaren 22-02-1761 (als Frerik), ovl. Winsum, zoon van Frerik Sijtses de Vries (II-b).
Freerk tr. Obergum 06-07-1787 met Anna Hoexum; geb. Nieuweschans 12-10-1749, dochter van Eyben Hoexum en Etje Boneschans. Anna tr. eerder Leens 23-05-1768 met Albert Onnes Wolthuis, ged. Leens 20-03-1750, ovl. ald. 1783/1787, zoon van Willem Onnes Wolthuis en Grietje Onnes.
Freerk was pottenbakker te Obergum (Winsum)
Uit dit huwelijk:
- Frerik (Freerk) de Vries; geb. Winsum 18-02-1788, volgt onder IV-c.
- Ettines de Vries; geb. Winsum 14-01-1790, ged. ald. 24-01-1790.
- Albert de Vries; geb. Winsum 06-11-1792, volgt onder IV-d.
Generatie IV
IV-a Gerbrand de Vries; ged. Groningen 21-04-1786, ovl. Groningen 29-01-1833, zoon van Sijtze Gerbrands de Vries (III-a).
Gerbrand tr. Groningen 07-05-1815 met Bartruda Swart; ged. Groningen 21-05-1786, ovl. ald. 06-09-1832, dochter van Jacob Swart en Albertjen Scheltens.
Gerbrand was zeilmakersknecht, later winkelier/koopman te Groningen. Hij en Bartruda woonden beiden al voor hun huwelijk in de Sledemennerstraat. Ze kochten in 1815 van koopman Roelof Klaagen “ene behuizinge staande te Groningen in de Kattenhage of Sint Walburgsstraat Oostzijde, getekend letter M, nummer 43, zwettende ten Noorden aan de Behuizing van Monsieur J. Schuiling, ten Oosten aan het Militaire Hospitaal, ten Zuiden aan de Behuizing bewoond door Monsieur James Sutherland en ten Westen de straat.” Het huis kostte totaal f 1900, waarvan nog f 1500 moest worden afbetaald aan de heer Harm Harms Nap. In 1821 deed Harm Nap zijn vordering, dan nog f 1300 over aan Trijntje Alberts, weduwe van Roelof Sikkens. In 1829 betaalden Gerbrand en zijn vrouw het huis waarschijnlijk totaal af, zij sloten hiervoor een lening van f 1200 bij mej. Anna Nijsing Schaapschoe, waarvoor ze hun huis in onderpand gaven.
In 1827 verhuurden Bartruda’s vader Jacob Swart (boekweitmaker, weduwnaar van Albertjen Scholtens), Bartruda zelf en zus Heeltje, echtgenote van Hemmo Jager aan hun broer Schilto Swart en diens vrouw de ouderlijke ‘behuizinge met een vrijen gang, staande en gelegen te Groningen in de Sleeminderstraat nummer 196, alsmede van een molenpaard, winkelgereedschappen en verder toebehoren van de boekweitmakerij, welke thans daarin wordt uitgeoefend.” Op 21-05-1833 wordt aangifte gedaan in verband met het overlijden van Gerbrand en de Memoires van Successie.
Uit dit huwelijk:
- Jacob de Vries; geb. Groningen 17-02-1816, ovl. Rotterdam 29-01-1837, koopman.
- Aaltje de Vries; geb. Groningen 19-03-1817, ovl. Groningen 11-08-1849. Aaltje tr. Groningen 27-05-1841 met Johannes Barlinckhoff; geb. Rotterdam 09-04-1817, ovl. Groningen 18-07-1870, zoon van Philippus Francois Barlinckhoff en Renske Mars, deurwaarder. Johannes tr. later Leek 08-01-1851 met Jantje Reitsma; geb. Tolbert 20-09-1824, dochter van Gerrit Jannes Reitsma en Anke Botes Bosman.
- Sytze de Vries; geb. Groningen 12-06-1819, volgt onder V-a.
- Schelto de Vries; geb. Groningen 19-08-1821, ovl. Groningen 05-06-1842, koopman.
- Willem de Vries; geb. Groningen 28-04-1824, ovl. Groningen 21-05-1837.
- Albertien de Vries; geb. Groningen 24-08-1825, ovl. Groningen 17-04-1847.
IV-b Willem de Vries; ged. Groningen 09-01-1793, ovl. ald. 29-10-1879, zoon van Sijtze Gerbrands de Vries (III-a).
Willem tr. Groningen 05-05-1822 met Geertruda Warneerda Emmes; geb. Groningen voor de Herepoort, ged. Groningen, A-Kerk 05-03-1800, ovl. Groningen 08-03-1867, dochter van Albert Emmes en Annegien Sijwkes, dienstbode. Zie de Stamreeks Emmes.
Getuigen bij het huwelijk waren broer Gerbrand de Vries (36 jr, winkelier), grootvader Warner Emmes (80 jr), Renso Hulzebos (52 jr, kuiper) en Adam Medendorp (26 jr, kistemaker). Willem was bierbrouwersknecht, later werd hij meesterknecht en tapper in een kelder in de Kleine Steentilstraat te Groningen.
Uit dit huwelijk:
- Sietse de Vries; geb. Groningen 19-01-1823, volgt onder V-b.
- Alberdina de Vries; geb. Groningen ca. 07-1825, ovl. Groningen 16-09-1826.
- Alberdina de Vries; geb. Groningen 08-1828, ovl. Groningen 12-10-1829.
- Aaltien de Vries; geb. Groningen 09-08-1830, ovl. Groningen 14-08-1900. Aaltien tr. Groningen 01-12-1853 met Pieter Hoekstra; geb. Akkrum 11-11-1823, ovl. Finsterwolde 27-12-1880, zoon van Anne Pieters Hoekstra en Grietje Harms de Jong. Schipper op eigen schip ‘Aaltiena’.
- Harmanna Alberdiena (Miena) de Vries; geb. Groningen 19-03-1833, ovl. Groningen 04-07-1884.
- Gerbrand de Vries; geb. Groningen 04-02-1836, volgt onder V-c.
- Klaas de Vries; geb. Groningen 09-06-1842, volgt onder V-d.
IV-c Frerik (Freerk) de Vries; geb. Winsum 18-02-1788, ged. ald. 23-02-1788, ovl. Obergum 12-10-1855, zoon van Frerik (Freerk) de Vries (III-b).
Freerk tr. Obergum 08-11-1807 met Grietje Jacobs Kooi; geb. Saaksum 30-11-1789, ged. ald. 13-12-1789, ovl. Obergum 04-09-1847, dochter van Jacob Hindriks Kooi en Pieterke Pieters Dijksterhuis.
Freerk was pannenbakker te Obergum. Hij pachtte 4 grazen land in Winsum van de familie Van Bolhuis. In 1821 bood deze familie verscheidene landerijen te koop aan. Freerk kocht ‘zijn’ land toen voor f 650. Freerk werd later deurwaarder bij de rechtbank van Appingedam.
Uit dit huwelijk:
- N.N. Freerks de Vries; geb. Obergum 10-10-1808, ovl. ald. 11-11-1808. Het zoontje was slechts 32 dagen oud en nog ongedoopt.
- Anna Freerks de Vries; geb. Obergum 15-08-1810, ged. ald. 02-09-1810, ovl. Winsum 20-03-1860. Anna tr. Winsum 26-05-1836 met Douwe Gerrits Siertsema geb. Garnwerd 11-10-1808, ovl. Winsum 17-04-1889, zoon van Gerrit Willems Siertzema en Aafke Douwes Antema. Landbouwer te Klein Garnwerd.
- Jacob Freerks de Vries; geb. Obergum 05-07-1813, volgt onder V-e.
IV-d Albert de Vries; geb. Winsum 06-11-1792, ged. ald. 11-11-1792, ovl. Groningen 28-02-1860, zoon van Frerik (Freerk) de Vries (III-b).
Albert tr. Groningen 29-09-1811 met Hebbelina Jans; geb. Onnen, ged. Haren 19-08-1787 (als Hebbeltien), ovl. Groningen 22-01-1864, dochter van Jannes Albers en Grietje Derks, dienstmeid.
Albert was verwer in Groningen.
Uit dit huwelijk:
- Johanna de Vries; geb. Groningen 14-08-1816, ovl. ald. 08-11-1883. Johanna tr. Groningen 19-01-1851 met Adriaan van Luijk; geb. Retranchement 15-10-1820, ovl. Groningen 02-02-1901, zoon van Jannis van Luijk en Katharina de Witte, voermansknecht.
- Ettinus de Vries; geb. Groningen 29-01-1823, ovl. ald. 30-07-1848, timmerknecht.
- Jacob de Vries; geb. Groningen 24-02-1825, ovl. Haarlem 27-03-1845, dragonder.
Generatie V
V-a Sytze de Vries; geb. Groningen 12-06-1819, ovl. Groningen 06-09-1881, zoon van Gerbrand de Vries (IV-a).
Sytze tr. Groningen 26-10-1843 met Margien Boomgaard; geb. Groningen 19-06-1817, ovl. Groningen 03-12-1891, dochter van Zacharias Boomgaard en Maria Brandsma.
Sytze was koopman in Groningen.
Uit dit huwelijk:
- Maria de Vries; geb. Groningen 01-08-1844, ovl. ald. 12-08-1849.
- Battruida de Vries; geb. Groningen 11-05-1846, ovl. Doorwerth 06-12-1921.
- Gerbrand de Vries; geb. Groningen 02-06-1850, ovl. ald. 19-09-1897, agent en zaakwaarnemer. Gerbrand tr. Groningen 17-09-1896 met Weija Prummel; geb. Veendam 10-11-1850, ovl. Avereest 18-02-1930, dochter van Jan Jans Prummel en Harmke Hendriks Wanneker. Weija tr. eerder Hoogezand 30-11-1878 met Wijndelt Wieringa, geb. Hoogezand 09-11-1855, ovl. Venlo 18-08-1893, zoon van Franciscus Hillebrands Wieringa en Zwaantje Nipperus, conducteur. Weija tr. later Appingedam 21-10-1911 met Geert Minke, geb. Oudega 30-06-1852, ovl. Hellum 20-08-1915, zoon van Gerardus Geert Minke en Johanna Alberts de Vette. Geert was weduwnaar van Hindriktje Engelsman.
- Catharina Harmina (Mina) de Vries; geb. Groningen 22-02-1853. Mina tr. Groningen 19-11-1873 met Jan Veldkamp, geb. Groningen 11-07-1849, ovl. 1923, zoon van Frederikus Veldkamp en Anna Rasker. Jan was telegrafist, in 1899 verhuisde hij met Mina van Groningen naar Leeuwarden, hier werd Jan onderdirecteur commies der 1e klas telegrafie, later werd hij hoofdcommies. In 1905 verhuisden Jan en Catharina naar Zutphen.
- Aaltje de Vries; geb. Groningen 29-10-1856, ovl. na 1893. Verhuisde in 1893 naar Amsterdam.
- Margien de Vries; geb. Groningen 14-12-1858, ovl. Zeist 13-06-1942. Margien tr. Groningen 20-07-1881 met Gerrit Schutte; geb. Deventer 31-01-1856, ovl. voor 1942, zoon van Mannis Schutte en Jennigje Meester, hoofdonderwijzer te Zutphen.
V-b Sietse de Vries; geb. Groningen 19-01-1823, ovl. Groningen 12-10-1850, zoon van Willem de Vries (IV-b).
Sietse tr. Groningen 21-11-1847 met Grietje Bartels; geb. Groningen 16-02-1821, ovl. na 1856, dochter van Hindrik Bartels Nieveen en Ida Geerts Kok. Grietje tr. later Groningen 27-04-1856 met Reindert Egbert Brouwer, geb. Groningen 08-07-1812, zoon van Reindert Willems Brouwer en Egbertina Martines. Reindert tr. eerder Groningen 11-02-1847 met Hinderkien Mijssema, geb. Groningen 17-04-1819, dochter van Mees Lubbers Mijssema en Derkien Hindriks.
Sietse was schrijnwerker in Groningen.
Uit dit huwelijk:
- Sietske Hinderika de Vries; geb. ca. okt. 1850, ovl. Groningen 23-12-1850.
V-c Gerbrand de Vries; geb. Groningen 04-02-1836, ovl. Groningen 05-11-1877, zoon van Willem de Vries (IV-b).
Gerbrand tr. Groningen 22-05-1864 met Jantje Mol; geb. Groningen 05-05-1842, ovl. Groningen 06-02-1885, dochter van Hermanus Mol en Eltje Steenbergen.
Gerbrand was zadelmakersknecht, zakkenmaker. Jantje was dienstmeid en wasvrouw.
Uit dit huwelijk:
- Geertruda Warneerda de Vries; geb. Groningen 24-03-1865. Dienstmeid bij de fam. Offerhaus aan de Spilsluizen te Groningen. Vertrok na haar huwelijk met haar man naar Harlingen. Geertruda tr. Groningen 04-05-1890 met Jacob de Vries; geb. Harlingen 17-08-1866, zoon van Willem de Vries en Tettje Wiersma, schrijnwerker.
- Harmannus de Vries; geb. Groningen 03-10-1866, volgt onder VI-a.
- Altje de Vries; geb. Groningen 14-01-1870.
- Willem de Vries; geb. Groningen 08-02-1876, ovl. Winschoten 15-03-1946, uurwerkmaker, horlogemaker. Willem tr. Winschoten 23-08-1913 met Martha Pik; geb. Winschoten ca. 1880, ovl. Winschoten 22-01-1947, dochter van Jans Pik en Severina Catharina Post.

Klaas de Vries
V-d Klaas de Vries; geb. Groningen 09-06-1842, ovl. Groningen 22-12-1915, begr. ald. Zuiderbegraafplaats, zoon van Willem de Vries (IV-b).
Klaas tr. Anloo 18-07-1868 met Geessien de Jonge; geb. Annerveen 08-01-1841, ovl. Ridderkerk 29-04-1902, dochter van Roelof Jans de Jonge en Elsien Eppes Dik.
Klaas was kok op het schip de Aaltiena van zijn zwager Pieter Hoekstra. Later werd hij schipper op zijn eigen schip de Bien PrŠt. In 1891 liet hij bij de scheepswerf Mijs en Co. te Alphen aan den Rijn een ijzeren hektjalk bouwen, bedoeld voor de vaart op de binnenwateren en de Zuiderzee; de Immanuël. Klaas kreeg herhaaldelijk de vraag wat Immanuël betekent en veranderde de naam daarom in Godt met ons. Godt met -dt, om aan te geven dat er maar een God is. Klaas kwam met zijn schip door de sluis bij Loksverlaat, waar Jan Lok (stiefvader van Geessien) sluiswachter was en leerde zo zijn toekomstige vrouw kennen.
Uit dit huwelijk:
- Doodgeboren z., geb. Eexterveenschekanaal 12-09-1869.
- Willem de Vries; geb. Eexterveenschekanaal 23-06-1871, ovl. Gaarkeuken 13-02-1878.
- Roelof de Vries; geb. Eexterveenschekanaal 07-11-1874, ovl. ald. 23-11-1874.
- Roelof de Vries; geb. Harlingen 10-08-1876, volgt onder VI-b.
- Willem de Vries; geb. Dronrijp, Menaldumadeel 11-04-1878, volgt onder VI-c.
- Elsiena de Vries; geb. Dordrecht 05-12-1881. Elsiena tr. Groningen 01-02-1906 met Jakob Bleker; geb. Hamburg [Duitsland] 05-10-1875, zoon van Jan Jakobs Bleker en Klasina Schutte. Werkte als schippersknecht aan boord bij schipper Jan Harm Orsel, werd later zelfstandig schipper. Getuigen bij het huwelijk waren onder andere Harm Veling (49 jr, schipper te Wildervank) en Pieter Heitman (50 jr, waterverschaffer), zij waren getrouwd met resp. Geertuda Hoekstra en Harmina Alberdina Hoekstra, dochters van Elsina’s tante Aaltien Hoekstra-de Vries. Zie de Genealogie Bleker en Bleeker.
V-e Jacob Freerks de Vries; geb. Obergum 05-07-1813, ovl. Den Hoorn, Leens 09-02-1856, zoon van Frerik (Freerk) de Vries (IV-c).
Jacob tr. Winsum 03-05-1837 met Martje Joosten Alderts; geb. Winsum 22-10-1816, ovl. ald. 04-05-1906, dochter van Joost Alderts en Fokje Jans Smit.
Jacob was koopman, houtkoper, landbouwer en zaakwaarnemer.
Uit dit huwelijk:
- Freerk de Vries; geb. Winsum 22-02-1838.
- Joost Alderts de Vries; geb. Winsum 15-06-1839.
- Grietje Pieterke de Vries; geb. Niezijl 27-02-1841, ovl. Groningen 22-01-1898. Grietje tr. Winsum 06-05-1876 met Siwert Bolhuis; geb. Groningen 11-07-1833, ovl. Groningen 16-12-1912, zoon van Harke Siwerts Bolhuis en Lammegien Klaasens Bouman, landbouwer.
- Aldert de Vries; geb. Niezijl 02-11-1842, volgt onder VI-d.
- Foktje de Vries; geb. Niezijl 05-01-1845, ovl. Obergum 08-04-1880, lerares. Foktje tr. Winsum 20-05-1870 met Antonie Beekman geb. Obergum ca. 1844, ovl. Obergum 06-05-1930, zoon van Berend Antonie Beekman en Klaziena Hagemeijer, hulponderwijzer. Antonie tr. later Winsum 27-08-1881 met Annechien Smid, geb. Hoogkerk ca. 1858, ovl. Obergum 17-08-1916, dochter van Jakob Smid en Antje Smit.
- Doodgeboren kind, geb. Visvliet 26-10-1848.
- Anna Jacoba de Vries; geb. Westerhorn 17-09-1849, ovl. ald. 19-09-1849.
- Anna Jacoba de Vries; geb. Westerhorn 26-09-1850, ovl. Den Hoorn, Leens 17-11-1882. Anna tr. Winsum 17-11-1871 met Jacob Zantinga; geb. Westerhorn, ca. 1839, ovl. Den Hoorn, Leens 26-01-1905, zoon van Willem Jacobs Zantinga en Tietje Pieters van den Broek, tolpachter, kastelein en logementhouder. Jacob tr. later met Fenna Rasterhoff.
- Jacobus Fredericus de Vries; geb. Hoorn, Leens ca. 1856, volgt onder VI-e.
Generatie VI
VI-a Harmannus de Vries; geb. Groningen 03-10-1866, ovl. Haren 10-02-1949, begr. Groningen, Zuiderbegraafplaats, zoon van Gerbrand de Vries (V-c).
Harmannus tr. Groningen 29-11-1894 met Hindriktje Mensinga; geb. Tjamsweer, Appingedam 24-01-1867, ovl. Groningen 21-09-1944, begr. Groningen, Zuiderbegraafplaats, dochter van Albert Mensinga en Jantje Perdok.
Harmannus was achtereenvolgens boekbinder, pakkersknecht, typograaf.
Uit dit huwelijk:
- Doodgeboren dochter, geb. Groningen 10-10-1895.
- Jantje de Vries; geb. Groningen 12-11-1896. Jantje tr. Groningen 29-04-1920 met Hindrik Pieterdino Kuipers geb. Assen 08-04-1895, zoon van Klaas Kuipers en Arendina Postema. Suikerwerker te Groningen. Het gezin woonde juli 1922 – maart 1923 in Emmen. Hindrik verhuisde in april 1923 naar Haarlem, zijn vrouw en zoon Klaas verhuisden in juli 1923 naar Boskoop.
- Maria de Vries; geb. Groningen 22-12-1897, mantelwerkster. Maria tr. 31-07-1922 met Geert Roemers; geb. Groningen 07-09-1900, zoon van Jacob Roemers en Hillegien Henstra. Geert was militair, kantoorbediende, colporteur (1924), krantenbezorger.
- Gerhard Sirp Gerbrand de Vries; geb. Groningen 21-03-1900, ovl. Groningen 29-01-1920, meubelmaker.
- Harmannus Hindrikus de Vries; geb. Groningen 08-11-1906, ovl. Groningen 03-10-1914.

Gezin van Roelof en Jantina de Vries-Bleker
VI-b Roelof de Vries; geb. Harlingen 10-08-1876, ovl. Groningen 16-10-1957, begr. Groningen, Selwerderhof, zoon van Klaas de Vries (V-d).
Roelof tr. Rotterdam 29-03-1905 met Jantina Jacobina Bleker geb. Dordrecht 20-02-1877, ovl. Groningen 08-10-1972, begr. Groningen, Selwerderhof, dochter van Jan Jakobs Bleker en Klasina Schutte. Zie de Genealogie Bleker en Bleeker.
Roelof was kapitein-eigenaar op de kleine handelsvaart, rond 1903 verbouwde hij het schip van zijn vader (“Godt met ons”) voor de zeevaart. Tijdens de Eerste Wereldoorlog ging Roelof aan wal wonen en had hij een zetkapitein aangenomen voor zijn schip. Waarschijnlijk in 1917 is de “Godt met ons”in beslag genomen door de Franse marine, op verdenking van spionage. Het schip was met een lading melk te dicht onder de Franse kust verzeild geraakt. Na de oorlog kon Roelof zijn schip, zwaar verwaarloosd en onder het teer, weer terug krijgen. Op 10 maart 1927 gingen Roelof, zijn vrouw en de zoons Jaap, Gezinus en Wladimir, op weg van Lübeck naar Karlshamn met een lading van 100 ton cokes. In de nacht van de 23e brak een zuidooster storm los. De “Godt met ons” kon niet meer vrijgezeild worden van de Zweedse kust en strandde bij Simrisham. De familie de Vries werd gered en opgevangen door Zweedse families. Na een tijdje konden ze met een andere kapitein naar Duitsland varen, waar ze de trein naar Groningen namen. De “Godt met ons”werd gesloopt en haar lading verkocht. Roelof voer na de “Godt met ons” nog op andere schepen en kreeg voor zijn verdiensten het diplome ‘grote vaart’.
Uit dit huwelijk:
- Klaas de Vries; geb. Groningen 20-10-1905, ovl. feb. 1926. “Klaas de Vries; geb. 20 oct. 1905, is op 5 februari 1926 met den schipper Douwe de Groot met diens schip vertrokken van Vlieland met bestemming naar Kopenhagen, sedert dien datum is geen bericht van hem ingekomen”. (Bron: gezinskaart 1920-1939)
- Jan de Vries; geb. Groningen 13-03-1907, ovl. 04-09-1977. Schipper. Jan tr. met Elsina (Els) van der Haak; geb. ca. 1908, ovl. Wormerveer 06-11-1994, gecr. Driehuis.
- Willem de Vries; geb. Groningen 18-04-1908, ovl. Sneek 20-02-1975. Stuurman, kapitein op de grote vaart. Caféhouder te Wormerveer. Transportarbeider. Willem tr. Wormerveer 27-09-1937 met Petronella (Nel) Kop; geb. Wormerveer 09-12-1914, ovl. 13-06-1989.
- Jacob (Jaap) de Vries; geb. Groningen 19-07-1909, ovl. ald. 21-04-1980, gecr. ald. 24-04-1980. Jaap was stuurman op de “Godt met ons”. Kapitein-eigenaar op de “Tiny” tijdens de Tweede Wereldoorlog, hij voer op de Engelse kust in geallieerde dienst. De “Tiny” werd tot zinken gebracht door een bom. Jaap was gezagvoerder op de “Erna” tijdens de invasie op de Normandische kust. Jacob tr. Groningen 08-03-1937 met Pietertje Smid; geb. Groningen 01-04-1912, ovl. Groningen 01-10-2000, gecr. ald. 05-10-2000, dochter van Evert Smid en Anna Groen, coupeuse-lerares.
- Roelof de Vries; geb. Kroutzand 15-08-1913, ovl. Libial/Labiava juni 1925.
- Gesinus de Vries; geb. Groningen 05-06-1916, ovl. 22-10-1990. Gesinus was schipper. Hij voer tijdens de Tweede Wereldoorlog in dienst van de geallieerden op de Engelse kust als gezagvoerder op het mls “Hoop op zegen”. Gesinus tr. Groningen 13-09-1956 met D.G. Drentje.
- Hendrik Wladimir Albrecht Ernst (Wladimir) de Vries; geb. Groningen 03-11-1917, ovl. Zuidlaren 30-07-2001. Reclametekenaar, later beeldhouwer (zie WladimirDeVries.nl). Wladimir tr.1 Groningen 02-03-1944 met Willy (Will) Littel; geb. Amsterdam 06-01-1921, ovl. Groningen 05-07-1968, begr. Haren, Eshof, dochter van Willem Jacob Hendrik (Willem) Littel en Gerharda Antonia Johanna (Gerda) Jonker. Zie de Genealogie Littel. Wladimir tr.2 Groningen 03-10-1968 (huw. ontbonden) met Frouke Johanna Fransina (Francien) Nouwt.
VI-c Willem de Vries; geb. Dronrijp, Menaldumadeel 11-04-1878, ovl. 1917/1918, zoon van Klaas de Vries (V-d).
Willem tr. Groningen 20-06-1904 met Harmke Velvis; geb. Assen 02-05-1879, dochter van Wubbo Velvis en Albertje Tuin. Harmke tr. later Amsterdam 30-03-1922 met Daniël van Teeseling, geb. Amsterdam 12-06-1871, ovl. ald. 04-03-1926, zoon van Daniël van Teeseling en Alida Elisabeth Hoek.
Willem was schipper. Vertrok in 1905 met zijn vrouw naar Rotterdam. Het gezin verhuisde vervolgens in 1911 naar Amsterdam.
Uit dit huwelijk:
- Geesje de Vries; geb. Rotterdam 11-06-1905. Geesje tr. Amsterdam 01-09-1927 met Hermanus Albertus de Bas; geb. Amsterdam 05-02-1899.
VI-d Aldert de Vries; geb. Niezijl, 02-11-1842, ovl. Obergum 26-10-1915, zoon van Jacob Freerks de Vries (V-e).
Aldert tr. Bedum 21-04-1866 met Reina Groeneveld; geb. Noorderhoogebrug ca. 1839, ovl. Winsum 29-09-1878, dochter van Hindrik Klaasen Groeneveld en Matje Duurts van Dijk.
Aldert tr.2 Winsum 24-11-1883 met Grietje Tiddens; geb. Nieuw Beerta ca. 1841, dochter van Jan Tiddes Tiddens en Elske Kornelis Timmer, dienstmeid.
Aldert was koopman en tuinier.
Uit het eerste huwelijk:
- Hendrik de Vries; geb. Winsum 01-05-1868, ovl. Obergum 26-11-1929, slager. Hendrik tr. Winsum 29-04-1897 met Reina Hoekzema; geb. Obergum ca. 1872, dochter van Willem Hoekzema en Hindrikje Kuipers, naaister.
- Jacobus Fredericus de Vries; geb. Winsum 11-04-1870.
- Grietje de Vries; geb. Winsum 31-08-1871, ovl. Groningen 03-11-1942. Grietje tr. Winsum 25-08-1904 met Johannes Bulthuis; geb. Usquert ca. 1865, ovl. na 1942, zoon van Berend Bulthuis en Geertje Wieringa, schipper.
- Joost Aldert de Vries; geb. 14-12-1872, ovl. Winsum 18-12-1872.
- Doodgeboren zoon; geb. Winsum 29-08-1874.
- Henderika Ettina de Vries; geb. Winsum 25-05-1876. Henderika tr. Winsum 08-06-1911 met Menno Benes; geb. Obergum 10-10-1879, ovl. ald. 20-07-1950, zoon van Barteld Jans Benes en Antje Mennes Rikkerts, tuinier.
- Foktje Anna de Vries; geb. Winsum 20-09-1878.
Uit het tweede huwelijk:
- Jan de Vries; geb. Winsum 05-07-1884, ovl. Winsum 03-09-1884.
VI-e Jacobus Fredericus de Vries; geb. Hoorn, Leens ca. 1856, zoon van Jacob Freerks de Vries (V-e).
Jacobus tr. Bierum 11-03-1880 met Jacobtje Alfing; geb. Holwierde 15-03-1860, dochter van Gerrit Martens Alfing en Geessien Jacobs Deddens.
Jacobus was kastelein en broodbakker.
Uit dit huwelijk:
- Gerrit Marten de Vries; geb. Delfzijl 12-10-1880
- Jacob Freerk de Vries; geb. Delfzijl 08-01-1881, ovl. Midwolde 18-08-1884.
- Martje Geessiena de Vries; geb. Leek 02-12-1883
- Mattheus Fredericus de Vries; geb. Leek 22-02-1886
- – voor het laatst bijgewerkt op 22 juni 2010 – -

Reageren »
Laat een reactie achter